Een brand in een bedrijfspand ontstaat vaak klein: een overbelaste stekkerdoos, een frituur die te lang aanstaat, een stapel karton naast een heater. Binnen een paar minuten kan de rook al zo dik zijn dat medewerkers de uitgang niet meer zien. De meeste slachtoffers bij brand raken gewond door rook, niet door het vuur zelf.
Raakt een medewerker gewond, dan komt al snel de vraag op wie daarvoor aansprakelijk is. Een werkgever heeft een zorgplicht voor de veiligheid van zijn personeel. Kan hij niet aantonen dat hij redelijke maatregelen heeft genomen, dan is de kans groot dat hij de schade moet vergoeden. Brandveiligheid is dus zowel een kwestie van mensen beschermen als van je eigen positie als werkgever.
De zorgplicht en de risico-inventarisatie
De Arbeidsomstandighedenwet verplicht elke werkgever met personeel om de risico’s op de werkplek in kaart te brengen in een risico-inventarisatie en -evaluatie, de RI&E. Brandgevaar hoort daar vanzelfsprekend bij. In de RI&E staat welke risico’s er zijn, en in het bijbehorende plan van aanpak welke maatregelen je neemt en wanneer. Bij de meeste bedrijven moet een gecertificeerde deskundige of arbodienst de RI&E toetsen; voor kleine bedrijven gelden onder voorwaarden uitzonderingen. De Nederlandse Arbeidsinspectie geeft daar meer uitleg over.
Daarnaast regelt het Burgerlijk Wetboek dat een werkgever in beginsel aansprakelijk is voor schade die een werknemer bij het werk oploopt, tenzij hij aantoont dat hij zijn zorgplicht is nagekomen. Een actuele RI&E, gedocumenteerde maatregelen en bewijs van onderhoud zijn in zo’n situatie belangrijk bewijsmateriaal.
Preventie begint bij de inrichting
Veel brandrisico’s verminder je met eenvoudige maatregelen. Houd vluchtwegen en nooduitgangen altijd vrij, ook als er tijdelijk veel voorraad is. Zorg dat branddeuren niet met een wig worden opengezet. Laat elektrische installaties periodiek controleren en verbied losse kachels of dubbele verlengsnoeren als ze niet nodig zijn. Sla brandbare stoffen zoals verf, oplosmiddelen of gasflessen op in een daarvoor bestemde kast of ruimte.
Welke voorzieningen een pand verder nodig heeft, zoals brandmeldinstallaties, noodverlichting of vluchtrouteaanduiding, hangt af van de gebruiksfunctie en de omvang. De regels daarvoor staan in het Besluit bouwwerken leefomgeving, en de gemeente of veiligheidsregio kan daar meer over vertellen. Een praktisch overzicht van maatregelen per type bedrijf vind je bijvoorbeeld bij Royal Safety, dat brandpreventie voor bedrijven per onderwerp uitlegt.
Bedrijfshulpverlening en ontruiming
Elke werkgever moet bedrijfshulpverlening organiseren. Hoeveel BHV’ers nodig zijn, hangt af van de RI&E: het aantal medewerkers, de aard van het werk en de indeling van het pand. Een BHV’er moet een beginnende brand kunnen bestrijden, eerste hulp kunnen verlenen en een ontruiming kunnen leiden. Dat vraagt om een opleiding en jaarlijkse herhaling.
Een ontruimingsplan werkt alleen als het geoefend wordt. Plan minimaal één keer per jaar een ontruimingsoefening en bespreek daarna wat goed ging en wat niet. Duurde het te lang voordat iedereen buiten stond? Was de verzamelplaats duidelijk? Waren er bezoekers of uitzendkrachten die niet wisten wat ze moesten doen? Leg de uitkomsten vast, ook dat is bewijs dat je je verantwoordelijkheid neemt.
Blusmiddelen en onderhoud vastleggen
Brandblussers en brandslanghaspels zijn alleen nuttig als ze werken en als ze op de juiste plek hangen. Kies het type blusmiddel op basis van de risico’s: een CO2-blusser bij elektrische apparatuur, een schuimblusser voor de meeste kantoren en werkplaatsen. Hang ze zichtbaar en goed bereikbaar op, bij voorkeur bij uitgangen.
Blustoestellen moeten periodiek worden gecontroleerd en onderhouden. In Nederland gebeurt dat doorgaans volgens de norm NEN 2559, en in de praktijk is jaarlijks onderhoud door een erkend bedrijf gebruikelijk. Verzekeraars vragen hier vaak naar. Op royalsafety.nl staat uitgelegd hoe zo’n keuring verloopt. Bewaar de onderhoudsrapporten en het label op het toestel goed. Komt het na een brand tot een discussie over aansprakelijkheid, dan laten die papieren zien dat de blusmiddelen in orde waren.
